Welkom
Doelstellingen
Praktisch
Stel je kandidaat!
Rwanda-Kivu
Terugblik 2005
Terugblik 2006
Terugblik 2007
Terugblik 2008
Terugblik 2009
Terugblik 2010
Terugblik 2011
Terugblik 2012
Terugblik 2013
Terugblik 2014
Terugblik 2015
Terugblik 2016
Terugblik 2017
Terugblik 2018
Fracarita Belgium
oud-Zuidreizigers

Terugblik 2011

“Het is ongelooflijk hoe vaak ik het woord “ongelooflijk” wil gebruiken tijdens het schrijven over de Zuidreis. Om het mezelf wat makkelijker te maken ging ik op zoek naar enkele synoniemen. Deze woorden omschrijven op een krachtige manier wat ik van deze reis vond: buitengewoon, luisterrijk, grandioos, mieters, geweldig, prachtig, fantastisch, onwaarschijnlijk, verbluffend, verbazingwekkend, wonderlijk maar bovenal ongelooflijk.”

“Deelname aan de Zuidreis bevestigde mij dat het geld dat we inzamelen zeer goed terecht komt en dat er goed mee gewerkt wordt! En met die vraag zitten veel medewerkers in Vlaanderen die de acties steunen. Maar vanaf nu blijf ik het herhalen: er wordt zeer professioneel en dikwijls ook zeer inventief gewerkt met onze middelen! Maar vooral deze boodschap wil ik meegeven: door de ontmoetingen met de broeders en medewerkers ter plaatse, heb ik kunnen ervaren dat we echt collega’s zijn van elkaar: eenzelfde liefdevolle zorg voor de meest zwakken, elk op zijn plek. Liefde zonder grenzen, wereldwijde verbondenheid.”

“Wie Afrika en het werk van Caraes ook wil ervaren of wie de congregatie echt wil leren kennen, moet zich zeker inschrijven voor een volgende editie van de Zuidreis! Van harte aanbevolen!”

deelnemers 2011

“Een jeugddroom gaat in vervulling. Voor het eerst zeggen mijn kinderen in koor: ‘Voorzichtig, mama!’.”

“Als we landen kus ik de grond! Het eerste wat me opvalt is de geur van de vele houtskoolvuurtjes. En de warmte! We vertrokken met 2°C, nu moet het nog 25° zijn…”

“Voor de reis had ik me voorgenomen om niet alleen de verschillen tussen onze culturen te observeren, maar ook de gelijkenissen. En gelukkig zijn er heel wat, maar wat mij het meest getroffen heeft was het volgende: ik werd ‘s morgens wakker en door het open raam hoorde ik het geluid van spelende kinderen. Ik was waarschijnlijk nog niet goed wakker, want ik dacht het bij ons in de buurt was, maar het was wel degelijk in Ndera. Het geluid was even vrolijk en speels als bij ons en gaf me een hoopvol gevoel.”

“Tijdens de rondleiding in het psychiatrisch centrum in Ndera waren enkele patiënten aan het werk gezet in de keuken. We keken elkaar aan, maakten oogcontact en samen begonnen we bonen in een grote pot te doen. We leven in een totaal andere wereld, andere cultuur, andere gezondheidstoestand… toch hadden we beiden precies even het gevoel elkaar kort te begrijpen. Het deed me wat.”

“An zette een kindje op haar schoot en ik fotografeerde hun handjes… wit en zwart, vereeuwigd voor altijd.”

“Wat opvalt bij de gesprekken met de medewerkers, is de grote professionaliteit in de werking van het ziekenhuis. Dit is ons eerste werkbezoek, en het doel van de reis is meteen duidelijk: we werken wereldwijd voor en met dezelfde mensen, met dezelfde doelen, met een even grote liefde en professionaliteit, maar in totaal andere omstandigheden!”

“Zo veel kleuren, zo veel volk lopend langs de straten, de chauffeur die elke minuut claxonneert, de taxibrommers, fietsen vol met flessen, mensen met 6 matrassen op het hoofd, fietsen met bananentrossen, waterpompen langs de straat, enorm veel (erg jonge) kinderen, de mooie Afrikaanse vrouwen… Zoveel te zien. Ik kom ogen te kort!”

“Een heel speciaal gevoel…: Gatagara! We zouden het kindje Ezira van de Zuidactie Abana Rwanda zien! Schitterend om deze school nu écht te zien.”

“We worden overal begroet door de kinderen. Als Sara, Jan en ik de speelplaats opkomen, stormen er wel 50 kindjes op ons af om ons één voor één een knuffel te geven. Echt aangrijpend. Sara en ik staan helemaal verbouwereerd dit allemaal te ondergaan en er ook van te genieten. Links en rechts van ons liggen kinderen met een handicap op de grond. Een enkeling heeft een rolstoel. Maar allemaal willen ze op de foto. Ik zie toch wel rond mij hoe ze voor elkaar zorgen. Overal zie je valide kinderen een klasgenootje met een handicap helpen.”

“We bezoeken de nieuwe operatiezalen. De hygiënische normen zijn hoog. We moeten van schoenen wisselen om deze nieuwe zalen te betreden. Even valt de elektriciteit uit… Zou dit ook zo gebeuren tijdens een operatie?”

“Het wordt een aangename avond en de gesprekken zijn goed en interessant! Ik spreek even met de dokter: hij verdient weinig, kan in grotere luxe werken in de stad, maar verkiest hier te werken omdat hij mensen terug ziet leven! Hij noemt het HVP een echte droomfabriek. Een kind met een handicap dat verstoten is, geen toekomst meer heeft en ontdekt wordt, verzorgd wordt en nadien terug kan lopen: het is een wonder en hij haalt er zoveel voldoening uit! Hij zou nergens anders willen werken. Ik begrijp hem volkomen! De dans wordt later ingezet. ’t Wordt een gezellig feest. Zelfs ik, die nooit danst, strek even mijn benen!”

“Wij wuiven af en toe onderweg naar de kinderen, maar wel met een wrang gevoel. Wat hebben mijn kinderen toch een luxeleven tegenover deze kinderen. Het gevoel van onrechtvaardigheid, dat me deze reis dikwijls sterk overvalt, komt weer op.”

“Wat ik hier zie is echt niet mijn beeld over 'wonen in Afrika'. We bezoeken met een leerkracht de sloppenwijk, op een heuvel gebouwd, waarin zij woont. De ene woning vlakbij de andere. Telkens omringd door een klein tuintje. “Thuis” betekent een rechthoekig, lemen huisje van een paar vierkante meter, met een golfplaten dak. Hier leven mensen overbevolkt samen. In haar huis wonen zij, haar echtgenoot, 7 studerende kinderen en een nicht. Wanneer je het huisje betreedt, sta je meteen in de bruine salon.”

“Stroom is niet evident. Kaarslicht is hier meer dan het door ons alom gekende romantische licht.”

“We bezoeken een schooltje dat niet door de broeders gerund wordt en dat onze verbeelding meer dan tart. Een niet te beschrijven arm schooltje. Kinderen krijgen les in houten barakken, de bankjes vallen bijna uit elkaar. De leien hebben hun beste tijd gehad. Geen elektriciteit, geen internet, geen kaart van Europa... wel heel veel discipline. De directeur spreekt zijn leerlingen toe. Ongeveer 300 individuen, van klein tot groot. Ze bidden gezamenlijk voor ons een onzevader en een wees-gegroet. Ze begroeten ons met hun mooiste liedje. Het gaat me nog door merg en been wanneer ik het hier neerschrijf. Ik kan het maar op 1 manier omschrijven: ‘onvoorstelbaar schrijnend’.”

“Wat verder tijdens de rondleiding kwam een dame bij ons aansluiten en greep ze me bij mijn arm. Na wat over en weer gepraat met de verpleegster bleek dat de mama erop stond dat ik haar zoontje meekreeg. Ze had gezien dat ik lief voor hem was en wist dat ik het kind de mogelijkheid kon bieden te genezen en een goede toekomst te bieden. En toen... was er voor mij even geen beeld en klank meer...”

“We dalen af via de aarden paadjes en lopen op modderheuveltjes. Het is een evenwichtsoefening. De Afrikanen lachen met ons omdat we zo traag vooruit gaan en zo ons evenwicht moeten houden. Zij snellen ons voorbij.”

“Ik vergelijk met thuis: mijn tuinhuis is véél mooier dan de honderden houten barakken waar alhier zovele mensen in wonen. En waarom zou ik nog klagen dat mijn hobbykamer thuis te klein is? In mijn hobbykamer kan een hele Kongolese familie wonen!”

“Emmerance, vandaag heb je me rondgeleid in jouw wijk. Je bent in die ‘quartier’ een sterke, geëmancipeerde persoonlijkheid. Je bezit een schat aan doorzettingsvermogen. Je bent voor je school, je gezin, je vrouwengroep een rots in de branding. Wat heb ik bewondering voor jou. Dank je Emmerance voor deze leerrijke dag, voor deze onuitwisbare ervaring in jouw quartier.”

“Vandaag een bezoek aan Sosame, het psychiatrisch centrum van Br. Johan. Dit is echt een uniek project, een hartverwarmend instituut waar je voelt dat er een goed team werkt onder begeleiding van Br. Johan. Wanneer hij ons rondleidt, valt me op hoe hij tijd maakt voor elke patiënt en ze allemaal rustig benadert. Dit heeft blijkbaar echt effect, want de patiënten blijven rustig en kalm.”

“Wanneer één van de patiënten vraagt hoe ik heet en ik antwoord Linda, dan vraagt ze ook naar mijn andere naam. Br. Johan legt mij uit dat je aangesproken wordt in Kongo met de naam van je eerste kind. Ik ben dus mama Bas.”

“Broeder-Missionaris Eric zei ons: ‘Ik weet niet of het een goede keuze was om zoveel jaren geleden naar hier te komen, maar ik blijf toch! Ik ben vertrokken naar Kongo om de wereld te veranderen, maar Kongo heeft ook mij veranderd’.”

“Afscheid van de Broeders Eric, Gaston en Johan. Ik ben zelden zo onder de indruk geweest van mijn medemens, maar voor deze mannen heb ik echt bewondering. Jezelf zo wegcijferen, je volledig ten diensten stellen van een volk dat het zo moeilijk heeft. Ik snap echt niet waar ze hun moed en kracht blijven halen. Is dit geloof? Alleszins hebben ze mij echt wel geïnspireerd en gestimuleerd om mij nog harder in te zetten voor fondsenwerving voor Caraes.”

“Tijdens het bezoek van vandaag hebben wij geen foto’s genomen, maar dat staat zo hard in ons geheugen gegrift... Ook hier bleef je even stil staan… Denkend: hoe goed wij het thuis wel hebben en niet genoeg beseffen. En soms spel maken van futiliteiten.”

“Wat me hier als opvoeder erg trof was de werking van het internaat. Op de dag dat we er waren was het juist “wasdag”. Zowel de jongens als de meisjes moesten die dag hun kledij wassen. Ik ben zelf ook meer dan 25 jaar opvoeder geweest op een jongensinternaat en kan me niet voorstellen dat we dat bij ons klaar zouden krijgen. Maar nog meer verbaasd was ik toen ik er een opvoeder aansprak. Ik vroeg met hoeveel opvoeders ze werkten op dit internaat, er waren 300 internen. Hij werkte daar alleen, woonde er zelfs en was dag en nacht aanwezig… Soms kreeg hij een vervanger. Hij vond dit helemaal niet erg en was zeer tevreden met zijn job. Ik vroeg of er dan geen conflicten of agressie zijn, maar dat was er nauwelijks. De kinderen regelden zelf hun vrije tijd, de oudsten namen de taak op van groepsverantwoordelijke. Dan ben je weer even stil natuurlijk.”

“Als lerares blijven de bezoeken aan de Afrikaanse scholen toch wel het meest bij. Inclusief onderwijs is hier echt wel troef! Daar het bij ons soms moeilijk is en onmogelijk lijkt om alle leerlingen met verschillende capaciteiten en handicappen in één klas te steken, lijkt het daar een doodnormale zaak.”

“We bekijken een voetbalmatch waarvan de spelers blind zijn. Met een belletje in de bal en met ipv witte strepen, koorden als afrastering, spelen deze kerels opperbest torbal. In de sporthal volgen we een match citygoal (volleybal voor fysiek gehandicapten). Ik besefte heel goed dat deze kinderen een kans krijgen in de samenleving, omdat ze naar deze school kunnen gaan. Hier worden ze niet verstoten, hier tellen ze als mens, hier worden niet ze als last ervaren… hier wordt er gewerkt aan hun toekomst.”

“Vandaag bezoeken we de school van Jacqueline, het blinde meisje van de Zuidactie Abana Rwanda. We stappen een nieuw klasje binnen. De bezoekers zingen voor ons ‘welcome to our visitors’. De leerlingen vragen dat we ons voorstellen, zodat ze onze stem horen! In één van de klasjes zien we Jacqueline, het blinde meisje van de Abana Rwanda-campagne. Het meisje wordt meteen gevraagd te poseren voor een fotosessie met ons! Ze is erg trots.”

“Deze morgen brengen we om 8 uur een bezoek aan het Centre Humura, een dagcentrum met thuiszorg voor kinderen en jongeren met een mentale handicap. Het centrum ligt op het kloosterdomein van Ndera. Wat betreft de educatieve aanpak fungeert het centrum als een referentiecentrum voor Rwanda. We volgen de dagopening (alle kinderen zitten samen en overlopen welke dag het is, leren de datum, zingen een lied en bidden samen). Daarna gaan de kinderen naar de groepen. Per groep zitten 5 kinderen. Elk kind heeft een individuele begeleider, die ook aan huis komt. Een prachtig project in prachtige gebouwen. Opnieuw heb ik een zeer positieve indruk over een bezoek aan een project.”

“De daling naar Brussel is formidabel: het prachtige België ontwaakt, vanaf Luxemburg tot Zaventem vliegen we heel laag en kan ik alles goed overschouwen! Om half 8 ben ik terug thuis in Lede en kan ik Ann en mijn zoontje Nikolaas in de armen vallen! Wat een reis! Onvergetelijk!”

“Terug thuis zit ‘Grand-mère’ haar hoofd zit boordevol ‘chaos’. Maar dit klaart snel weer op, maakt via persoonlijke en groepsverwerking plaats voor ideeën… die we later dan weer in samenwerking met Caraes omzetten tot daden.”

“We kregen vooraf mee dat we op bezoek gingen bij “onze collega’s”. En laat dat nu mijn grootste ervaring zijn: we gingen echt op bezoek bij “onze collega’s” Ik heb meer dan eens versteld gestaan van de meer dan professionele kwaliteiten en vaardigheden waarmee onze collega’s in het Zuiden werken in onze organisatie. Met veel beperktere middelen maken zij pedagogische, psychiatrische en medische projecten waar. Ook het enthousiasme van de leraars, begeleiders en andere medewerkers heeft me zeer geraakt. Daar kunnen we nog iets van leren…”

“Na een week terug was ik al gevraagd om in de BuSO-school foto’s te tonen en commentaar te geven over de Zuidreis. Ik stond versteld van de aandacht, de luisterbereidheid en de gerichte vragen die de leerlingen stelden.”

“Ik ben veranderd na mijn reis. Emoties die ik niet kende heb ik daar in Afrika ontdekt. We hebben mooie, schitterende, hilarische momenten meegemaakt. Verhalen die je met gemak kan vertellen aan vrienden en familie. Maar ook schrijnende, verdrietige momenten die mij nog altijd een krop in de keel bezorgen. De mensen die ik in Afrika ontmoette kende ik niet, maar ze laten zo’n blijvende indruk op je na, dat je het gevoel hebt dat ze vrienden zijn geworden. En vrienden die help je zonder meer.”

foto0

foto1

foto2

foto3

foto4

foto5

foto6

foto7

foto8


contact:  
Google


www.zuidreis.be